Geschiedenis
De
Kalkovens
Een schelpkalkoven is een oven in een kegelvormige toren, met een hoogte variërend van 15 tot 20 meter en een doorsnede aan de basis van meestal 5 tot 7 meter. Schelpkalkovens werden
vroeger gebruikt voor de fabricage van metselkalk uit strandschelpen (in Nederland schelpkalk genoemd).
Schelpkalkovens zijn doorgaans te vinden aan het water en staan vaak in groepjes. Tegenwoordig metselt men nog
wel met luchtpoederkalk of luchtkalk (en cement), maar niet meer met schelpkalk.
Het concept van ovens voor kalk is een zeer oud fenomeen. De Romeinen maakten al gebruik van branderijen waar ze
kalksteen brandden. De eerste berichten over het gebruik van schelpkalkovens in Nederland dateren uit de veertiende
eeuw, uit het Graafschap Holland. Schelpkalkovens vond men daar waar grond- en/of brandstoffen (schelpen en turf)
gemakkelijk konden worden aangevoerd. Veel kalkovens zijn in de loop der tijd gesloopt omdat ze niet meer in
gebruik waren en plaats moesten maken voor nieuwbouw. Veel kalkovens doen tegenwoordig dienst als museum.
Het kalkbrandproces
Schelpen bestaan uit calciumcarbonaat (CaCO3, kalk). De kalk (CaCO3) wordt in een kalkoven tot meer dan 1000 °C
verhit. Onder in de oven werd een vuur aangelegd van turf en takkenbossen. Via een deur in de oven werden lagen
schelpen afgewisseld met lagen turf in de oven geworpen, later werd ook steenkool (gruis) gebruikt. Nat gemaakte
schelpen werden met antracietgruis vermengd en dit mengsel werd in de oven geworpen.
Hierbij ontleedt deze kalk in calciumoxide (CaO) en koolzuurgas (CO2), dat ontwijkt. Het oxide valt
tot poeder uiteen en wordt ongebluste kalk genoemd. Via de lesgaten werden de gebrande schelpen uit de oven
gehaald en vervoerd naar het Blushuis. Daar werd de ongebluste kalk vermengd met water (lessen) waardoor de
schelpen uiteenvielen tot het eindproduct, de gebluste kalk, die werd gezeefd om ongebrande schelpen en andere
onrechtmatigheden te verwijderen. Daarna werd de kalk in zakken naar de klant gebracht.
Het meest werd de poederkalk gebruikt als bindmiddel in mortels.
De hoogtijdagen van de kalkovens lagen na 1860 met de uitvinding van de "stoel"-schelpkalkovens, zoals nu nog te
zien is in Enkhuizen. Er waren op meer dan 100 locaties schelpkalkovens in gebruik. Na de Tweede Wereldoorlog ging
het slechter met de schelpkalkovens. Grootschalige sluiting en afbraak van ovens had meerdere oorzaken, maar de
belangrijkste oorzaak was de destijds toenemende import van goedkope steenkalk, naast de opkomst van de
cementindustrie. Door de concurrentie van buitenlandse luchthardende steenkalk (kalkgesteenten uit steengroeven,
zoals muschelkalk) was de productie van schelpkalk in Europa niet lonend meer.
Kalkovens in Huizen
Ook in Huizen waren Kalkovens aanwezig, van 1918 tot 1989 werd het gezicht van de Gooise havenplaats Huizen bepaald
door vier kalkovens.
Het kalkbranden behoort tot de oudste industrie van Huizen. Tot de jaren 70 werden deze ovens actief gebruikt, maar
daarna is deze industrie beëindigd. Hierdoor werd dit prachtige erfgoed overbodig en werd het in 1989
afgebroken.
Oude tijden herleven
In 1997 is dit culturele erfgoed in ere hersteld. Steen voor steen zijn de Kalkovens weer opgebouwd op het
landhoofd van de oude Huizer haven, hier bevindt zich nu een restaurant, “De Kalkovens”.
Locatie
Op de kaart is aangegeven waar de voormalige kalkovens zich bevonden en waar het restaurant met zijn
karakteristieke schoorstenen zich bevindt.
Kalkovens in Huizen weergeven op een grotere kaart
|